RAV-regeling remt innovatie in emissiearme veestallen

De Regeling Ammoniak en Veehouderij (RAV) moet de ontwikkeling van emissiearme stalsystemen voor de veehouderij bevorderen. Maar te weinig fabrikanten voelen ervoor om te investeren in échte innovaties. Vanwege diezelfde RAV. De regeling zet innovatieve bedrijven op achterstand ten faveure van de kopiërende concurrentie. Ook is er veel kritiek op de procedure: die kost een vermogen, werkt uiterst traag en is ondoorzichtig. 

De huidige Regeling Ammoniak en Veehouderij slaat iedere innovatie uit de markt, menen enkele fabrikanten van innovatieve emissiebeperkende stallen. Zo duurt het bijvoorbeeld meerdere jaren om een nieuwe milieusparende stal door de procedure te krijgen en aan de verplichte metingen hangt een prijskaartje van globaal 150.000 euro. Maar wat de innovatieve fabrikanten vooral steekt is dat alleen ‘de eerste stal in zijn soort’ de RAV-procedure moet doorlopen; de concurrent mag vervolgens het principe kopiëren en gebruik maken van de gunstige onderzoeksresultaten van de eerste stal. En als de RAV-procedure ook nog eens uitloopt, wat gemakkelijk kan gebeuren, dan is de concurrentie eerder met het concept op de markt dan de bedenker ervan zelf. Dit maakt het voor innovatieve stalfabrikanten extra zuur.

Verder is er vanuit stalontwikkelaars en adviseurs kritiek op de beoordelingscommissie TacRav. De TacRav heeft de bevoegdheid om meetresultaten bij te stellen en dat gebeurt in de praktijk ook. Dit tot groot ongenoegen van stalfabrikanten die juist 150.000 euro hebben neergeteld voor metingen volgens een vastomlijnd protocol, en uitgevoerd door een erkend instituut. Daarnaast kan de beoordeling van de meetresultaten door de TacRav wel een jaar in beslag nemen.

De samenstelling en de werkwijze van de TacRav zijn weinig doorzichtig. Zo is het bijvoorbeeld moeilijk om te achterhalen welke mensen er precies in de commissie zitten, en op basis waarvan zij meetresultaten bijstellen. Twijfel is er over de zitting van Wageningen UR in de TacRav. Wageningen UR verricht bijna alle stalmetingen en maakt tevens deel uit van commissie die de metingen vervolgens moet beoordelen. De ondoorzichtige werkwijze van de TacRav leidt ertoe dat Wageningen UR de schijn van belangenverstrengeling tegen heeft. Concurrerende meetinstituten willen ook graag toetreden tot de TacRav om ‘dichter bij het vuur’  te zitten, maar daar wil het ministerie van I&M waaronder de commissie valt, niet aan.

Inmiddels heeft Staatssecretaris Joop Atsma toegezegd te willen onderzoeken of de kosten die innovatieve stalfabrikanten nu moeten maken om hun emissiearme stallen geaccepteerd te krijgen, omlaag kunnen. Ook wil Atsma het concurrentieaspect onderzoeken.

Lees het volledige artikel in V-focus (20 juli 2012). Vraag een gratis proefnummer aan.

Delen via:
Meer over: Adviseurs | Mens en mening | Onderzoek en beleid

Reacties zijn gesloten.