De fosfaatkoek

Door Ludwig ten Broeke, Field Sales Manager Swine bij Boehringer Ingelheim

Een paar jaar geleden was ik bij een zeugenhouder én melkveehouder en hij gaf mij mee dat hij zijn melkkoeien houdt op eenzelfde wijze als zijn zeugen. Volgens hem was dat de manier voor een bedrijfseconomisch gezonde melkveehouderij. Voor de goede orde, de zeugen liepen daar al geruime tijd in groepshuisvesting. Maar de paralellen waren inderdaad grotendeels aanwezig. De koeien kwamen niet meer buiten, hadden een krachtvoerbox, werden in productiegroepen gehouden, jongveeopfok gescheiden.
Ik moest eraan denken omdat de melkveehouderij nu ook met de keiharde wetten van marktmechanisme te maken krijgt. FrieslandCampina gaat nu zo ver dat ze een bonussysteem verstrekt aan boeren die in 2016 tijdelijk niet meer melk leveren dan in de laatste weken van 2015. Een stimulans voor productiebeperking, weliswaar in een vrije markt. Na de afschaffing van het quotum lijkt de melkveehouderij losgeslagen. Alles was gericht op afschaffing van het melkquotum, elk vaarskalf was klaargestoomd voor topproductie in 2015. De stallen zijn gebouwd op meer koeien, maar draaiden nog niet met volle bezetting. Er hing wel een andere productiebeperking in de lucht, maar de verrukking van quotumvrij melken oversteeg tijdelijk het besef van een ander productieplafond.
Het lijkt nu echter dat de verwerkende industrie de dynamiek van de melkveehouderij heeft onderschat en ze niet weet waar ze met al die melk naartoe moet. We zijn nog geen jaar na de afschaffing van het quotum en er is veel onduidelijkheid over de fosfaatbeperkingen en daarna nog de regels voor de grondgebonden groei. Er zijn zelfs alweer knelgevallen. Er wordt gezocht naar oplossingen die mogelijk sectoroverschrijdend zijn. Het woord is nu aan staatssecretaris Martijn­ van Dam. Als hij een visionair zoekt, verwijs ik hem naar die boer die koeien vergeleek met zeugen.

Delen via:
Meer over: Column

Reacties zijn gesloten.