Supermarktketen Jumbo gaat van het keurmerk Beter Leven volledig over op PlanetProof en de organisaties achter de keurmerken On the way to PlanetProof en Beter Leven slaan de handen ineen. Wat houdt die samenwerking in en is dit een stap naar meer samenwerking van de keurmerkorganisaties in de veehouderij? Duidelijk is in ieder geval dat…
Stichting Milieukeur (SMK) is beheerder van het keurmerk On the way to PlanetProof, kortweg PlanetProof, en de Dierenbescherming beheert het Beter Leven keurmerk. Beide organisaties gaan met hun keurmerken samenwerken op het gebied van dierenwelzijn in de melkveehouderij. Ze starten een pilot met de zuivelondernemingen FrieslandCampina en Farmel. FrieslandCampina levert dertig veehouders en Farmel tien. Beide ondernemingen hebben de afgelopen maanden melkveehouders die gecertificeerd zijn voor PlanetProof uitgenodigd voor de pilot.
Checklist
De veertig melkveehouders gaan ‘op weg naar’ de dierenwelzijnscriteria van het keurmerk 1-ster Beter Leven. Ze werken met een zogeheten ‘on top checklist’ op het gebied van dierenwelzijn. Daarin is een deel van de criteria van 1-ster Beter Leven opgenomen, zoals minimaal één ligplek per dier, koeborstels voor elke groep van 60 dieren, een koematras of diepe strooisellaag en jaarlijks 120 dagen 6 uur per dag weidegang.

Per bedrijf wordt gekeken in hoeverre het al voldoet aan de eisen op de checklist en welke aanpassingen nog nodig zijn om eraan te voldoen. De pilot start in januari 2026 en loopt ‘ten minste’ drie jaar. Intussen zoeken de partijen de samenwerking met supermarktketens. Een belangrijk doel van de pilot is om te onderzoeken wat de melkveehouders praktisch en financieel nodig hebben om de gevraagde dierenwelzijnsstappen richting 1-ster Beter Leven te realiseren. Volgens de organisaties is ook een passende, transparante beloningsstructuur essentieel voor de ontwikkeling van deze route.
Waarom samenwerken?
Woordvoerders van de Dierenbescherming en SMK geven twee redenen voor de samenwerking. Ten eerste willen ze tegemoetkomen aan de groeiende vraag vanuit de retail en de samenleving naar zuivelproducten die voldoen aan hogere eisen op het gebied van dierenwelzijn.
De tweede en waarschijnlijk nog belangrijkere reden voor de samenwerking is de politieke aandacht voor een dierwaardiger veehouderij. In juni 2025 zetten minister Wiersma van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) en vertegenwoordigers van de veehouderijsectoren, marktpartijen, ketenpartijen en maatschappelijke organisaties, zoals de Dierenbescherming, hun handtekening onder een convenant om het welzijn van landbouwdieren stapsgewijs te verbeteren richting 2040.
Het convenant legt de basis voor bovenwettelijke eisen en indirecte samenwerking, rendabiliteit, voldoende afzet en een soepelere vergunningverlening als randvoorwaarden voor veehouders om de stappen te kunnen zetten. De bovenwettelijke eisen gaan bijvoorbeeld over meer ruimte in stallen, weidegang voor melkvee en het niet couperen van varkensstaarten.
In aanloop naar het convenant groeide bij de belangenorganisaties in de veehouderij de overtuiging dat je de meeste invloed kunt uitoefenen door het eens te worden met de Dierenbescherming en samen een plan te bieden aan de politiek. Dat lukte. Het resultaat is de ‘Routekaart naar een dierwaardiger en toekomstbestendige melkveehouderij’. Zowel de handtekening van ZuivelNL als die van de Dierenbescherming staan eronder.



Beter voor Natuur & Boer, Beter Leven en On the way to PlanetProof zijn de duurzaamheidslabels met het grootste aandeel in de zuivel in de supermarkten.
Volgens SMK en de dierenbescherming sluit de pilot aan op die routekaart. Hij biedt melkveehouders de kans om de criteria in de praktijk te toetsen en om te verkennen welke mogelijkheden er zijn om dierenwelzijn tot waarde te brengen. De pilot van beide partijen biedt melkveehouders een route om versneld verbeteringen door te voeren op het gebied van dierenwelzijn.
Geen samenvoeging
In de pilot werken SMK en de Dierenbescherming samen, maar het is geen stap naar samenvoeging van beide keurmerken, benadrukken de woordvoerders van beide organisaties. Het doel is meer melkveehouders aan te zetten om concreet te gaan werken aan een hoger dierenwelzijnsniveau. “Beide keurmerken willen elkaar versterken vanuit hun eigen aandachtsgebied”, zegt Niels Kalkman van de Dierenbescherming. “Binnen deze pilot wordt het dierenwelzijn binnen de melkveehouderij naar een hoger niveau getild, waar zowel de Dierenbescherming als SMK achter staan. Waar mogelijk worden overlappende criteria wel geharmoniseerd.” Wat dat laatste concreet inhoudt, is op dit moment nog niet duidelijk.
“De twee keurmerken blijven naast elkaar bestaan, maar door afstemming en samenwerking, ook met zuivelondernemingen en supermarktketens, boeken we door de hele keten heen sneller vooruitgang in de verduurzaming van het zuivelschap”, aldus directeur Gijs Dröge van SMK in een persbericht in augustus vorig jaar.
Open voor meer uitwisseling
Kalkman van de Dierenbescherming benadrukt dat de pilot met Planet Proof niet betekent dat er een streep gaat door samenwerking met andere keurmerken, zoals Beter voor Natuur & Boer of Caring Dairy: “De Dierenbescherming verwoordde in haar meerjarenvisie voor het Beter Leven keurmerk de ambitie om te gaan samenwerken en expertise uit te wisselen met keurmerkpartners. We staan altijd open voor concrete voorstellen voor samenwerking met andere keurmerkpartijen. Dat geldt in de volle breedte, niet alleen voor Planet Proof.”

De keurmerken Beter Leven en Planet Proof bestaan nu zo’n zeven jaar. Planet Proof ligt sinds eind 2018 in het zuivelschap van grootwinkelbedrijven. Veehouders die aan dat keurmerk willen voldoen, moeten maatregelen nemen op diverse onderdelen van hun bedrijf, zoals biodiversiteit, gebruik van energie en water en dierenwelzijn.
In het voorjaar van 2019 lanceerde de Dierenbescherming het keurmerk Beter Leven Zuivel 1-ster in Jumbo-winkels. De Dierenbescherming en die winkelketen ontwikkelden het keurmerk, samen met stichting Natuur & Milieu en Vogelbescherming Nederland. Ook gecertificeerde melkveehouders die leverden aan Farmel leveren de melk voor dit keurmerk. De eisen voor een Beter Leven Zuivel 1-ster liggen vooral op het gebied van dierenwelzijn. Zo geldt voor de looppaden een minimale breedte, iedere koe moet een vreetplek hebben en bedrijven moeten over een aparte afkalbox en een aparte ziekenbox beschikken.
Naar één keurmerk
Nog een andere reden voor de beweging in het keurmerkenland in de veehouderij is de behoefte aan eenduidigheid van een keurmerk dat alle duurzaamheid omvat.
Jumbo hanteerde voor zuivel eerst alleen het keurmerk Beter Leven. Het was een aantal jaren de belangrijkste retailer met zuivel met dat keurmerk. Maar terwijl ondernemers in de varkens- en pluimveehouderij massaal het keurmerk omarmden, bleef het aantal melkveehouders met Beter Leven Zuivel beperkt tot iets meer dan dertig. Bij varkensvlees is Beter Leven inmiddels de norm met een marktaandeel van 90 procent in de Nederlandse supermarkten. Bij kippenvlees is dat percentage zelfs nog hoger met 93 procent.
De Dierenbescherming denkt dat Beter Leven in de zuivel veel minder goed aanslaat vanwege de sterke focus op dierenwelzijn en omdat melkveehouders soms forse investeringen moeten doen om aan de voorwaarden van het keurmerk te voldoen, zoals in ligboxen en looppaden met grotere afmetingen.
Afgelopen oktober maakte Jumbo bekend dat het bedrijf voor zijn eigen merk zuivel en Nederlandse kaasproducten stopt met het keurmerk Beter Leven en de komende jaren stapsgewijs overgaat naar PlanetProof. In 2029 moet die overgang volledig afgerond zijn. De ingreep komt voort uit het streven naar één duurzaamheidskenmerk dat alle duurzaamheidsthema’s belicht: natuur, klimaat én dierenwelzijn. Dat creëert eenduidigheid voor leveranciers, melkveehouders in de zuivel- en kaasketen én voor de klant, zo motiveert de retailer zijn keus. Die stap van Jumbo was een aderlating voor Beter Leven Zuivel. Ook leden-melkveehouders van DOC Kaas – de Nederlandse dochteronderneming van het Duitse DMK dat dit jaar opgaat in Arla Foods – zien hun duurzaamheidsprogramma ‘Tuurlijk!’ daarmee opgaan in PlanetProof. Daarmee worden de criteria voor deze melkveehouders en de zuivelonderneming ook aangepast.

Jumbo zelf juicht het overigens ‘van harte’ toe dat in PlanetProof door de pilot met de Dierenbescherming het aspect dierenwelzijn verder wordt ontwikkeld. Jumbo roept ook andere retailers op zich aan te sluiten bij de verdere verduurzaming van het zuivel- en kaasschap met PlanetProof en bij de genoemde pilot op dierenwelzijn, om zo als sector maximale impact te kunnen maken.
Beter voor…
Een ander groot keurmerk is Beter voor Natuur & Boer. Albert Heijn, Nederlands grootste retailer, introduceerde het in 2017. PlanetProof en Beter Leven bestonden toen nog niet. A-Ware en Deltamilk leveren melk aan Albert Heijn voor dit duurzaamheidsprogramma. Inmiddels leveren zo’n 1.300 boeren producten onder dit keurmerk, zowel in de veehouderij als in de plantaardige sectoren. Albert Heijn bracht het keurmerk in 2023 onder in een stichting en stelde het open voor andere partijen. Sindsdien hanteert ook zuivelverwerker Arla dit keurmerk.
Ook Beter voor Natuur & Boer staat open voor samenwerking met andere keurmerkpartijen, vertelt directeur Sophie Alders. Met de Dierenbescherming wordt samengewerkt in het keurmerk ‘Beter Leven voor vleeskippen en eieren’ en ook over zuivel staan er gesprekken op de rol, zegt Alders. Maar dat is zeker geen gelopen race, vertelt ze: “Ik weet niet of we eruit gaan komen.”
Alders begrijpt dat Beter Leven Zuivel samenwerking zoekt met andere keurmerken omdat het aantal deelnemende melkveehouders beperkt bleef, zeker nadat Jumbo de overstap maakte naar PlanetProof.
De bewegingen in het keurmerkenland leiden soms tot speculaties. In 2024 gingen bijvoorbeeld het gerucht rond dat Beter voor Natuur en Boer het keurmerk PlanetProof wilde overnemen. Alders wijst dat gerucht naar het rijk der fabelen: “Daar is nooit sprake van geweest”, benadrukt ze.
Desondanks is de markt van keurmerken, mede onder invloed van politieke en maatschappelijke druk, duidelijk in beweging. Tel daarbij op de afname van het aantal veehouderijbedrijven en het is duidelijk dat het binnen het keurmerkenland voorlopig nog wel onrustig blijft.







